De hond was het allereerste dier waar de mens een band mee sloot. Toen (volgens sommige bronnen al in de Prehistorie!) was dat vooral een nuttige samenwerking, waarbij de hond bescherming bood en de mens voor voedsel zorgde. Vandaag, tienduizenden jaren later, is die band sterker dan ooit en gegroeid naar onvoorwaardelijke liefde in beide richtingen. De hond is een volwaardig deel van het gezin. En toch zit er nog een beetje ‘wolf’ in die lieve viervoeter. Een blik in het brein van je hond.
Wolven leven in groep (een roedel). Dan weet je: communicatie is key. Ook je hond communiceert vandaag nog constant met andere honden. Via geuren, bijvoorbeeld. Tijdens het wandelen laten ze geurtjes achter voor elkaar en analyseren ze met hun neus informatie van buurtbewoners. Hoe dat precies werkt, kunnen wij ons amper voorstellen. Het reukorgaan van honden is heel gevoelig. Dat ze het kunnen ruiken wanneer iemand zwanger is of kanker heeft, is geen fabeltje — ze kunnen vaak ook de geur van onze emoties herkennen en reageren op de toon van onze stem of onze lichaamstaal.
Een hond niet laten snuffelen tijdens het wandelen, is dan ook een aanslag op zijn welzijn. Beeld je maar eens in dat jij voortaan moet gaan wandelen met een blinddoek om. Een hond die aan een boom snuffelt, een lantaarnpaal inspecteert of met zijn neus in het gras duikt, is eigenlijk de lokale krant aan het lezen voor de laatste nieuwtjes uit de buurt.
Maar je hond communiceert ook gretig met jou! Hij laat je graag weten hoe hij zich voelt: boos, bang, bedreigd, angstig, gelukkig … Let goed op de signalen die hij je met zijn hele lijf stuurt. Lees hier meer over de taal van je hond! De duidelijkste manier van communiceren, is natuurlijk het blaffen. Maar een hond blaft nooit zonder reden. Het zou kunnen dat hij zich bedreigd voelt, maar soms blaft hij gewoon om aandacht te krijgen. Da’s niet de bedoeling, maar wel iets dat veel honden gaandeweg hebben geleerd in hun omgang met mensen.
Een herkenbaar scenario: een puppy die (nog) niet snapt dat hij zichzelf even moet bezighouden terwijl het gezin aan tafel zit. In een poging om jullie aandacht te trekken, begint hij te blaffen. Waarop hij prompt een stukje vlees krijgt toegestopt om hem zoet te houden. Wat onthoudt de pup in dit scenario? Dat er goede dingen gebeuren zodra hij zijn keel openzet.
Die succesformule zal hij dan ook vaker toepassen: wanneer hij geaaid wil worden, als het te lang duurt voor jullie gaan wandelen, wanneer hij wil dat je een bal gooit ... Een hond die telkens zijn zin krijgt na een blafconcert, verandert in een vervelende keffer. Let dus zeker op jouw eigen reacties, want voor je het weet, stimuleer je zelf ongewenst gedrag.
Wat doe je dan wel bij ongewenst gedrag? Hem niet belonen, dat is duidelijk. Maar ook bazig zijn of hem streng straffen als hij iets doet wat niet mag, is niet de beste opvoedingsmethode. Je pup met de neus in zijn plasje op de keukenvloer duwen, heeft geen zin, dat wekt alleen maar angst of agressie op bij je hond. Positieve psychologie werkt beter in het hondenbrein.
TIP! "Door hem te straffen, wordt je hond bang of krijgt hij een afkeer. Beloon liever goed gedrag, ongewenst gedrag negeer je. Positieve psychologie is the way to go om je hond op te voeden.”
Goede gewoonten aanleren, doe je door je hond de juiste structuur te geven. Een voorbeeld: als je pup net wakker is, na het eten en drinken, na een dutje of na een flinke ravotpartij, ga je met hem naar buiten zodat hij daar zijn behoefte kan doen. Maak daar als baasje een gewoonte van en reageer dan heel enthousiast als dat plasje of kakje er komt. Zijn jullie buiten en zeg je tegen je hond ‘plasje’, dan is dat geen bevel, maar een mogelijkheid: als je moet, kan het nu.
Gebeurt er toch een ongelukje binnen, bijvoorbeeld tijdens het spelen? Blijf dan vooral kalm, ruim het op en besteed er verder niet te veel aandacht aan. Het spel onderbreken om de plas op te ruimen, is voor de hond al een flinke teleurstelling op zich.
Samenvatting: het werkt beter om gewenst gedrag positief te bekrachtigen, dan ongewenst gedrag veel negatieve aandacht te geven. Het zorgt er ook voor dat je pup zich veilig voelt bij jou en zich goed hecht aan zijn baasje. Dat komt de vriendschap tussen baasje en hond alleen maar ten goede.
En over vriendschap gesproken: honden gaan meningsverschillen van nature het liefst uit de weg. Met hun lichaamstaal communiceren ze met de tegenpartij over hun gevoelens. Vinden ze een confrontatie (te) spannend, dan gebruiken ze ‘afstandsvergrotende’ signalen. Die kunnen heel fijnzinnig zijn, zoals een vluchtige lik aan de neus of het wegdraaien van de ogen. Maar het kan ook heel duidelijk: met een grom of een hap in de lucht.
In een ideale wereld maakt een hond eerst subtiel zijn bedoelingen kenbaar, om daarna steeds duidelijkere taal te spreken. Een efficiënt systeem, dat enkel geldt als alle partijen elkaar verstaan. Dat een hond soms hapt of bijt, heeft dan ook vaak te maken met onbegrip. Hoor je een hond grommen, reageer dan niet boos, maar respecteer zijn vraag om meer ruimte. En wees in de toekomst alert op meer subtiele stresssignalen die aan dat grommen voorafgaan, zodat je sneller kan ingrijpen.
Dat je hond vredelievend is, wordt nergens duidelijker dan in zijn relatie met z’n baasje. Onderzoek toont aan dat we het liefdeshormoon oxytocine aanmaken als we in de ogen van onze hond kijken. En dat geldt net zo goed voor wanneer hij in de ogen van zijn baasje kijkt. Dat is compleet ongezien en bij geen enkel ander huisdier ooit waargenomen.
Je kan dus echt wel zeggen dat de band tussen mens en hond uniek is. Die wilde wolf, die harige hond, die vriendelijke viervoeter heeft er een lange reis opzitten, maar vandaag maakt hij gewoon deel uit van ons familieleven, en zowel de hond als de mens wordt gelukkiger van elkaars gezelschap.